Onrustpreventie
Hoe voorkóm je ónnodige onrust en overmatig huilen bij je pasgeboren baby?
- Door je kleintje rust te gunnen. Rust om goed te kúnnen
slapen. Scherm het af van de buitenwereld.
Vroeger mocht je bijvoorbeeld de eerste zes weken niet naar buiten met je baby. Veel meer mocht niet, inmiddels vaak achterhaald, maar er zat een kern van waarheid in deze adviezen.
- Door je kindje tijd te gunnen om in kleine stapjes
te wennen aan het leven buiten de baarmoeder. Wat moet hij ineens
met harde geluiden, fel licht, aanrakingen, kou voelen, leren drinken, leren
slapen, enzovoort? Wat een stress, daar mág hij best van huilen.
In de baarmoeder had hij het altijd warm, hoorde hij alleen gedempte
geluiden, kreeg hij 24 uur per dag te eten...
- Door jezelf de tijd te gunnen om weer emotioneel in balans te
raken. En dat duurt waarschijnlijk veel langer dan je wilt of verwacht!
Eerder een jaar dan een paar maanden. Néém tijd om je kindje
te leren kennen, die tijd blijft niet zomaar over. Neem ook tijd voor elkaar
en voor je andere kinderen. Loop niet te hard van stapel, ook al voel
je jezelf goed. Binnen enkele weken kan dat door oververmoeidheid en
onzekerheid helemaal omslaan.
- Leer je kindje drinken, maar leer je kindje ook slapen.
Dat betekent dat je onderscheid moet leren maken in huilen van de honger
en huilen van moeheid. Sommige baby's slapen overal en altijd, maar veel
baby's (op den duur) niet. Je kunt je baby niet leren om flexibel te zijn.
- Luister niet naar alles en iedereen. Je hebt tegenwoordig veel informatie
tot je beschikking, maar wat is waar? Richt je verder op 1 of hooguit 2
mensen in wie jij vertrouwen hebt, die echt naar jou luisteren
en de tijd voor je nemen.
- Specifieke problemen vragen om specifieke oplossingen. Kijk of onderstaande algemeenheden toe te passen zijn bij jullie eigen, unieke kindje, in jullie eigen, unieke situatie. Zo niet, vraag dan om raad.
- Door regelmaat
- Door begrenzing
- Door eenduidig te zijn
- Door rustig met je baby om te gaan
- Door je baby babykleding aan te trekken
Regelmaat
Met regelmaat wordt een vaste volgorde bedoeld van:
- slapen, drinken, wakker,
- slapen, drinken, wakker, enz.
Dus géén regelmaat op de klok, maar een regelmaat
die uitgaat van gebeurtenissen.
Wakker = direct drinken (of je kind nu één uur, twee uur of
drie uur heeft geslapen).
Slaapsignalen = direct naar bed.
Deze regelmaat vraagt een zekere flexibiliteit van jou, als ouder. Bovendien
lijkt het misschien lastig en tijdrovend maar in werkelijkheid geeft het
je houvast en schept het duidelijkheid, vooral ook voor je baby. Door deze
vaste volgorde weet hij wat er gaat gebeuren en hij voelt zich daar rustig
en prettig bij. En wees eens eerlijk, het is toch raar om de klok te laten
bepalen of je kind honger heeft? Als je baby slaapsignalen laat zien,
gaat hij naar bed. En als hij wakker wordt, krijgt hij te drinken. Een uitgeruste
baby kan zijn buikje vol drinken, kan daarna tevreden op schoot zitten en
even alleen spelen en als hij “piept” kan dat maar één
ding betekenen: hij is moe.
Ritme, regelmaat, structuur, het zijn woorden die star klinken. Toch is het maar net hoe je het bekijkt. Ouders die proberen hun kind ‘op 6 voedingen te krijgen’ zijn druk met rekken en sussen en hebben waarschijnlijk minder tijd voor henzelf dan ouders die het slaap/waakpatroon van hun kind volgen en daardoor op 7 of 8 voedingen uitkomen. Hun kinderen zijn tevreden in de box en kunnen lekker slapen.*
Sommige kinderen zijn heel gelijkmatig, anderen blijven wisselend slapen, de ene keer een uur, een andere keer drie uur. In ieder geval zijn er genoeg aanleidingen die voor verstoring van het ritme kunnen zorgen: een snotneusje, een doorkomend tandje, een vaccinatie, een drukke dag enz. Een basisstructuur heeft als voordeel dat je als gezin eenvoudig de balans weer weet te vinden als er zo’n verstoring is geweest.
* Bij kunstvoeding wel rekening houden met de maximale hoeveelheid per etmaal.
Meer over regelmaat.
De regelmaat is door Ria Blom voor het eerst beschreven in haar boek
‘Regelmaat en inbakeren’.
Begrenzing
Door een kind in te bakeren, bied je een letterlijke grens. Maar ook zonder
inbakerdoeken kun je je pasgeboren baby al begrenzing bieden. En wel door:
- te voorkomen dat je kindje overprikkeld raakt. Sommige baby's lijken alles mooi en leuk te vinden, maar ze kunnen er nog niets mee, ze worden steeds maar moeier en moeier totdat ze echt niet meer kunnen en het letterlijk uitschreeuwen.
- je kind niet onnodig bloot te stellen aan harde geluiden (radio, televisie, e.d.).
- geen onnodig belastende en vermoeiende uitstapjes te doen.
- je kind af en toe in een draagdoek te dragen, bijvoorbeeld aan het einde van de dag als het slapen niet wil lukken.
- je kind, als hij wakker is, in een omslagdoek te wikkelen; dat geeft hem een veilig gevoel.
- je kind stevig onder te stoppen met een royaal laken. Het laken niet
alleen ínstoppen, maar echt ónderstoppen tot ónder
het matras en tót de kin. Dit wordt ook wel matrozenbedje* genoemd.
*Te maken met een eenpersoons volwassen laken of met een kant-en-klaar matrozenbedje van TinyNanny.
Haal je kind tijdens het voeden uit de omslagdoek. Bij het zoeken en vasthouden van de borst moeten er niet teveel storende elementen in de weg zitten. Bovendien gebruiken kinderen tijdens het drinken hun handjes. Uitzondering hierop zijn de kinderen die erg onrustig zijn tijdens het drinken of zich snel overstrekken (verhoogde kans op tepelkloven).
Eenduidig zijn
Eenduidigheid (vastigheid) in de 3 B's van Bed - Breast (or Bottle) - Box
Slapen op een vaste èn rustige plaats
Laat je kind op zijn eigen plekje laten slapen in plaats van slapen bij kraamvisite op schoot. Laat in de kraamtijd tijdens bezoek je baby zelfs niet slapen in de slaapkamer waar je zelf het bezoek ontvangt. Dit klinkt streng, maar je voorkomt er een heleboel onrust mee.
Geen mobile boven het bedje en slaapkamer verduisteren tijdens het slapen.Voeden door dezelfde persoon
Wat vrij logisch klinkt bij borstvoeding, maar ook baby's die gevoed worden met de fles zouden de eerste weken zoveel mogelijk door dezelfde persoon gevoed moeten worden.Vaste plaats om alléén te kunnen spelen: de box
De box is een speelplaats (géén slaapplaats) voor baby’s vanaf ongeveer 6 weken. Jongere baby’s hebben er nog niet veel te zoeken, simpelweg omdat ze er niet aan toe komen. Zodra ze gedronken hebben, een boertje hebben gedaan, verschoond zijn en even geknuffeld hebben, zijn pasgeboren baby's al weer moe en toe aan slapen.
Zodra je baby oud genoeg is om even alleen kunnen zijn in de box, bied je hem alleen maar speelgoed aan waar hij zelf wat mee kan. Dus geen baby-gym. Zo'n ding houdt je kind als het ware te lang wakker. Hij wordt daarvan té moe om ontspannen in slaap te kunnen vallen. Baby's die controle hebben over hun armen kunnen hiermee spelen, eerder niet.
Maak het leventje van je baby vooral voorspelbaar en overzichtelijk. Het maakt hem innerlijk rustig. Het is niet goed dat een baby leert om de hele dag in 'opperste staat van paraatheid' te zijn. Leer je baby dat hij thuis tot rust mag komen, zich veilig en geborgen voelt.
Zelf rustig zijn
Benader je baby rustig, ook hem rustig oppakken en bewegen. Een baby
vindt het vreselijk om onder zijn oksels 'opgehesen' te worden. Om hem op te
pakken, draai je hem iets op zijn zij, één hand tussen schouderbladen
en als ondersteuning van het nekje en de andere hand onder de billen van je
baby is voor hem een veel prettiger manier om opgepakt te worden. Als je hem
oppakt op jouw uitademing, dan voelt hij minder spanning dan dat je hem oppakt
bij inademing of ingehouden adem.
Babykleding
Een spijkerbroekje ziet er schattig uit, maar
je doet je baby er geen plezier mee door hem dit aan te trekken. Ook aparte
slaapkleding is niet prettig, het omkleden voor het slapen gaan is veel te
belastend voor een jonge baby. Een jonge baby moet daarom kleding dragen
waarin hij behaaglijk en veilig kan slapen direct op het moment dat HIJ moe
is. Dat betekent niet te warm en niet te koud. In veel babykleding is polyester
verwerkt. Dit ademt niet en neemt geen vocht op. Je kindje kan het daarin
te warm krijgen, maar ook te koud omdat hij nat (klammig) wordt. Trek
je baby dus alleen prettig draagbare kleding van 100% natuurlijke materialen
aan, ook als hij wakker is.
Wanneer inbakeren?
- Als je kind ondanks rust en regelmaat niet op eigen kracht in slaap kan vallen.
- Als je kind alleen maar korte slaapjes doet en niet uitgerust wakker wordt.
- Als het matrozenbedje onvoldoende rust geeft.
- Als de borstvoeding gevaar loopt.
- Als er geen aanwijsbare oorzaak voor het huilen is, en het huilen je boven het hoofd dreigt te groeien.
- Bij een meerling, vanwege (drie)dubbele draaglast.
Inbakeren is niet alleen voor huilbaby's. Je hoeft niet te wachten tot de nood heel hoog is. Je kunt het inbakeren ook preventief toepassen om de regelmaat een 'handje te helpen'. Als je maar goed geïnformeerd start met inbakeren. Dat is het belangrijkste.
Lees verder op de pagina: Welke kinderen hebben er baat bij?
Aandachtspunten bij borstvoeding:
- Heeft je kind de techniek van het drinken (inclusief ademhalen) onder de knie?
- Zijn eventuele startproblemen opgelost, bijvoorbeeld (te) veel melk?
- Zijn overige problemen bekeken, bijvoorbeeld allergie of spruw?