www.inbakeren.nl

Regelmaat

In het boek Regelmaat en inbakeren wordt uitgelegd hoe je onrust en huilen kunt voorkomen en verhelpen.

Sommige baby's kunnen goed met onregelmatigheid omgaan, maar de meeste baby's hebben behoefte aan een overzichtelijk leventje. De regelmaat die bedoeld wordt als uitgangspunt van het inbakeren is géén regelmaat op de klok.
Het is een terugkerend patroon van gebeurtenissen: slapen-voeden-knuffelen-box. Deze regelmaat moet afgestemd worden op de behoeftes en het (baby)tempo van je kind.


In het boek ‘Regelmaat en inbakeren’ wordt aan de hand van vele praktijkvoorbeelden uitgelegd hoe je de regelmaat bij je eigen kindje kunt oppakken.

slaapsignalen -> direct naar bed
wakker -> direct voeden

Om de behoeftes van je kindje te leren kennen, is het belangrijk te letten op de signalen die voorafgaan aan het huilen. Leer onderscheid te maken in slaapsignalen en hongersignalen. Je moet af van het constant moeten bedenken: "wat zal ik doen, wanneer zal ik dat doen, hoe zal ik dat doen, zou hij honger kunnen hebben, zal ik nog even speentje geven, zal ik hem laten huilen, zal ik hem dragen..."

Dat is namelijk heel vermoeiend en je eigen onrust en twijfel breng je over op je kindje. Beter is het te starten met de vaste volgorde van slapen-voeden-wakker. In deze regelmaat pas je je aan aan het tempo van je baby. Geef hem de tijd die hij nodig heeft om te begrijpen wat er telkens gaat gebeuren. Zodra zijn leventje voorspelbaar wordt, zal hij innerlijk rustiger worden.

Jimme's moeder koos voor inbakeren met zelfgemaakte doeken. Zij beheerst de techniek met losse doeken goed.

Zorg dat je baby tijdens het wakker zijn niet meer indrukken opdoet dan hij aankan (rust) en leg je baby op tijd in zijn eigen bedje volgens een vast ritueeltje. Daarmee geef je hem de kans om op eigen kracht en rustig in slaap te vallen.

Deze regelmaat kun je toepassen met of zónder de ondersteuning van het inbakeren. Inbakeren helpt je kindje in slaap te vallen en langer te slapen. Als de regelmaat tot gewoonte is geworden worden de inbakerdoeken als hulpmiddel overbodig.


Rust = beperken van externe prikkels
Regelmaat = vaste volgorde van gebeurtenissen (slapen-voeden-wakker)

Als je kind onrustig is, word je als ouders gemakkelijk 'ingeschakeld' in deze onrust. Vooral als je je kindje voedt op de klok. Als je wacht tot het 'TIJD' is voor een voeding, dan is je kind al weer half moe op het moment dat hij gevoed wordt en gaat hij waarschijnlijk half liggen dutten tijdens het drinken. Gevolg: buikje halfvol en half moe. Wachten en rekken veroorzaakt onrust, bij je kind en bij jezelf. Probeer dus de slaaptijd te verlengen (lukt niet altijd) of voed je kind direct na het wakker worden.

Voorbeeld: een baby van 4 weken oud kan normaal gesproken nog geen uur wakker zijn inclusief de voeding. Daarom heeft het geen zin om een half uurtje na het wakker worden te wachten met voeden (rekken). Je bent zelf een half uur aan het sussen en sjouwen en als je je baby dan laat drinken ligt hij binnen een paar minuten te dutten aan je borst of aan de fles. Gevolg: halfvolle buik. Om over het gebrek aan achtermelk bij borstvoeding nog maar niet te spreken. Een baby die over zijn vermoeidheidsgrens heen gaat kan niet goed slapen en ook slapen op een halfvolle buik lukt niet goed. Je baby blijft alsmaar hongerig. Als ouders weet je op den duur niet meer wanneer je kind nu precies honger heeft of wanneer het jengelt van moeheid.

Elk voedingsschema (bijv. 7.00-10.00-13.00 enz.) is in principe gebaseerd op kunstvoeding. Veel ouders van borstgevoede kinderen zijn in de veronderstelling dat ook borstvoeding volgens een soortgelijk schema verloopt. Dit is echter lang niet altijd het geval!
Lees meer over borstvoeding.

Kindjes die kunstvoeding krijgen en korte slaapjes blijven doen, hebben soms onvoldoende aan de maximale hoeveelheid voeding die ze per etmaal mogen hebben. Maar ook dan is het belangrijk om je kindje toch direct te voeden na het wakker worden.
Lees meer over korte slaapjes.