Flesvoeding

Onrustige baby en flesvoeding, hoe mee om te gaan?In de praktijk wordt (nog) vaak een voedingsschema gehanteerd, vooral bij flesvoeding. Je baby op een vaste tijd en met een vaste hoeveelheid voeden is een vorm van regelmaat, maar in veel situaties leidt zo’n klokkenritme tot problemen. Bijvoorbeeld bij baby’s die slaapjes doen van 1,5 uur en daarna maximaal een uur wakker kunnen zijn, hoe kom je dan uit met voedingen ‘om de 3 uur’? Ouders van flesgevoede baby’s die nog lang voor een avond of nachtvoeding komen krijgen niet zelden het advies om ‘flessen af te bouwen’. Hoe en waarom is meestal niet duidelijk.

Voedingsschema

Voedingsschema’s suggereren dat baby’s gelijkmatig slapen en drinken. Voedingsschema’s zijn gebaseerd op gewicht van de baby en van daaruit ontstaan klokkenritmes zoals 7.00-10.00-13.00-enz. maar dit is geenszins logisch. Tussen een pasgeboren baby van 4 kg en een baby van twee maanden en 4 kg zit veel verschil in behoefte!
Bovendien geeft een voedingsschema het idee dat je baby na voedingstijd en wakkere tijd gaat slapen tot het weer tijd (klokkentijd) is voor een volgende voeding. Wat doe je als je baby ‘te vroeg’ wakker wordt? Waarom wordt hij ‘te vroeg’ wakker? Is hij wel uitgerust?

Het komt vaak voor dat onrustige baby’s die kunstvoeding krijgen, te veel per etmaal krijgen of al vroeg voeding voor hongerige baby’s krijgen omdat ze alsmaar ontevreden lijken. Toch is de oorzaak van het huilen is meestal niet de voeding, maar de oververmoeidheid (of overprikkeldheid).

Op de klok of op behoefte?

Wij praten over voedingen in termen als ‘om de 3 uur’ of ‘om de 4 uur’. Vooral bij flesvoeding zijn wij gewend geraakt te rekenen. Wie heeft bedacht dat een baby van 4 maanden of een bepaald gewicht met 5 voedingen per etmaal moet kunnen doen? Ik weet het niet. Veel baby’s zullen het er prima op doen, maar veel baby’s niet. Duidelijk is wel dat je bij flesvoeding je baby niet meer mag geven dan een maximale hoeveelheid per etmaal. Maar vertel mij eens waarom je niet 6 voedingen en dan wat minder per keer mag geven? Stel dat je baby het daarmee veel beter doet?

Besef dat als je aan wilt sturen op een bepaald aantal voedingen (om welke reden dan ook) dat je soms veel drukker bent met rekken en bedenken hoe je de dag door moet komen dan dat je gewoon wat vaker voedt en je baby tevreden is.

Hoeveelheid

Bij flesvoeding ontkom je in de eerste week na de geboorte niet aan een voedingsschema.

Dag Hoeveelheid per 24 uur per kg geboortegewicht
1 20-40 ml
2 40-60 ml
3 60-80 ml
4 80-100 ml
5 100-120 ml
6 120-140 ml
7 140-150 ml
8 150-160 ml

Wanneer je kindje boven zijn geboortegewicht komt, wordt kan de hoeveelheid voeding verder verhoogd worden. Dit gaat niet met grote hoeveelheden. Je kunt tot een gewicht van 5 kg de volgende rekensom aanhouden:
150 x gewicht (in kg) = hoeveelheid klaargemaakte voeding per etmaal.
Deze hoeveelheid deel je door het aantal voedingen. Je baby bepaalt het aantal (terwijl jij zorgt voor de randvoorwaarden rust en regelmaat).

Rekenvoorbeelden:
Een baby met een geboortegewicht van 3,5 kg, weegt na 1 maand ongeveer 4,5 kg. Aan het einde van de kraamtijd drinkt deze baby ongeveer 8x 65 ml en na een maand 8x 85 ml. In dit voorbeeld drinkt een baby elke week dus zo’n 5 ml per fles extra.

Een baby van 4,5 kg mag 150 x 4,5 = 675 ml klaargemaakte voeding per etmaal. Dat zijn 8 voedingen van gemiddeld 85 ml, 7 voedingen van 95 ml of 6 voedingen van 110 ml. Vier voedingen van 100 ml en drie van 90 ml is ook een optie.

Vanaf week 2

Na het opbouwschema in de kraamtijd blijf je regelmatig voeden met kleine porties. Geef je baby niet meer dan hij vraagt en laat hem geen restjes opdrinken. Kijk na 24 uur hoeveel je baby gedronken heeft als je hem zijn gang laat gaan. Klopt de rekensom? Let wel op het juiste drinktempo, gemiddeld 15 – 20 minuten per voeding. Dit samen met het bijhouden van je baby’s groeicurve laat zien of hij zichzelf goed reguleert.

Op verpakkingen van kunstvoeding staat een schema dat enkel uitgaat van het gewicht van de baby. Daarnaast staat het aantal voedingen per 24 uur. Een voorbeeld: 5 voedingen van 135-165cc voor een baby van 4 kg, dat is echt veel te veel in één keer. En als je baby nog heel piep is, kan het al helemaal niet!
Behalve gewicht is dus ook de leeftijd van je baby van belang, een baby kan een geboortegewicht hebben van 4,5 kg maar dit gewicht zie je ook vaak bij baby’s van 2 maanden of ouder.

Bereid kunstvoeding zoals op de verpakking staat *, maar voor de hoeveelheid per fles kun je beter naar je eigen baby kijken

Onrustige baby’s die flesvoeding krijgen, kunnen dus beter op verzoek gevoed worden (= direct voeden na het wakker worden). Mijn ervaring is dat een baby de voeding tot zich neemt die goed voor hem is. De meeste baby’s doen het beter op vraag. Ook met de fles. Ik denk dat je als ouder geluk hebt als je baby ‘het pikt’ om op vaste tijden gevoed te worden.

Grotere hoeveelheid in overleg

Als het lijkt of je baby meer wil dan de rekensom, denk dan niet automatisch aan honger. Vaak is er een andere reden, je baby kan ziek zijn, hij kan zuigbehoefte hebben, misschien drinkt hij te snel of hij is onrustig door teveel prikkels of weinig slaap.

Een baby die rustig zijn fles leegdrinkt, daarna nog zuigbehoefte heeft en steeds sneller wakker wordt is vaak toe aan een voeding minder en per fles een slok meer. Als je baby te snel drinkt en zich daardoor gemakkelijk overeet, probeer dan of een andere speen met een kleiner gat meer rust geeft. Of kies een andere soort fles. Voeding blijft altijd maatwerk! Overleg bij twijfel met de jeugdverpleegkundige van het consultatiebureau of met een babyconsulent.

Zuigbehoefte

Groeit je baby goed, heeft hij een goed drinktempo en na de fles nog behoefte om te zuigen, dan kun je hem een fopspeen geven. Gebruik een fopspeen alleen na de voeding en niet om voedingen uit te stellen.

Overgaan op andere voeding

Op eigen houtje experimenteren met verschillende soorten voedingen is onverstandig omdat de kans groot is dat je baby het ene probleem na het andere krijgt. Te veel en te snel nieuwe dingen uitproberen zal bovendien alleen maar meer onrust opleveren voor je baby. Erg jammer, zeker als je bedenkt dat de oorzaak van de onrust meestal niet aan de soort voeding ligt.

Laat je adviseren door de jeugdverpleegkundige als je op andere andere voeding wilt overgaan. Vraag ook na hoe je deze voeding (in welke hoeveelheid en in welke frequentie) moet introduceren. Hou eventueel een dagboek bij om een lijn te zien in de veranderingen bij je baby.

* Denk aan het juist bereiden van de voeding, bijvoorbeeld schepje losjes door de poeder halen en schepjes afstrijken of tikken.